Indiendatum: 8 mei 2020

Door: Maarten Kersten

Uit o.a. onderzoeken van het Kennis Centrum Aanpak Funderingsproblematiek (KCAF) blijkt dat in Nederland 800.000 à 1 miljoen woningen ernstig gevaar lopen op verzakking of zelfs instorting, ten gevolge van de dramatische droogteperiode van afgelopen zomer. Verrotting van houten funderingen door grondwaterdaling of (bij directe plaatsing via stalen palen) het verzakken van klei- en veenlagen vindt nú al plaats bij 25% van de huizen van voor 1970. En dat is volop te zien in 60 gemeenten in zones met veel lagen veen en rivierklei, zoals langs oude en nieuwe rivierbeddingen en dus ook in Leiden. Het KCAF schat dat in 2059 22 miljard euro schade zal zijn aangericht als niet snel maatregelen worden genomen. Per huis is 60.000-100.000 euro schade te verwachten. Van de 330 gemeenten waren ten tijde van onze vragen er al tien actief met dit probleem bezig en drie waren toen al aangesloten bij het Fonds Duurzaam Funderingsherstel. Dat keert aan getroffen eigenaren van sociale of particuliere woningen schade uit, mits hun gemeente is aangesloten. Twee gemeenten in onze provincie waren toen al zo voortvarend geweest om zich in allerijl hierbij aan te sluiten. Leiden was dus niet zo vlot en zit hier nog steeds niet bij. In tegenstelling tot Gouda en Rotterdam. Sterker nog, het blijkt dat het Leids gemeentebestuur na al die maanden sinds bekendwording van de onderzoeksresultaten nog steeds een zeer afwachtende houding aanneemt…!

Het college van B&W antwoordde namelijk op 2 april jl. op schriftelijke vragen van Partij Sleutelstad, inmiddels nog steeds niet te hebben overwogen zich aan te sluiten bij genoemd fonds. Ook niet om anderszins maatregelen te (laten) treffen, eventueel in nauwe coördinatie met Holland Rijnland en het Hoogheemraadschap Rijnland. Het college wacht slechts de resultaten af van de stresstest klimaatadaptatie die op dit moment uitgevoerd wordt, en daarna de stresstest met het thema droogte.

Na deze stresstests wordt een “risicodialoog met de stad en de Raad” uitgevoerd en ten slotte wordt een uitvoeringsprogramma opgesteld. Dan pas zal, aldus het college duidelijk worden wat de kans op schade voor Leiden zal zijn en of en wanneer Leiden zich bij het Fonds Duurzaam Funderingsherstel zal aansluiten.

Op grond van artikel 45 van het Reglement van Orde stelt het lid Kersten (PS) het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Leiden de volgende vragen:

  1. Vindt het college het acceptabel, dat op deze manier voor de getroffen huiseigenaren, waaronder de sociale corporaties, per dag de schade per huis, per huizenaantal en per gemeente meer toeneemt? Kent het college deze feiten uit het landelijk onderzoek en beseft men daarbij dat we inmiddels al weer 76 dagen verder zijn?
  2. Vindt het college niet, dat Leiden de door haar als excuus voor het gebrek aan voortvarendheid aangekondigde stresstests, dialogen en opstellen van plannen niet moet afwachten? Maar wél zich zo spoedig mogelijk ten bate van zijn inwoners moet aansluiten bij genoemde landelijke regeling zodat gedupeerden daar op tijd hun claims zullen kunnen neerleggen? Vindt het college het als rentmeester van haar bodem en haar inwoners sociaal te verantwoorden als zij door de bewust gekozen vertraging met open ogen in het zicht van de verdroogde haven strandt? Is zij zich ervan bewust dat dan eventueel honderden Leidse woningeigenaren, plus de sociale woningcorporaties als eigenaresse van vele duizenden getroffen woningen, achter het net gaan vissen en voor gemiddeld 60.000 à 100.000 euro per woning het schip in gaan?

Antwoorddatum: 16 juli 2019

1. Vindt het college het acceptabel, dat op deze manier voor de getroffen huiseigenaren, waaronder de sociale corporaties, per dag de schade per huis, per huizenaantal en per gemeente meer toeneemt? Kent het college deze feiten uit het landelijk onderzoek en beseft men daarbij dat we inmiddels al weer 76 dagen verder zijn?

Antwoord: Het college is op dit moment niet bekend met schade bij huiseigenaren en woningbouwcorporaties in Leiden. Maar het heeft wel onze aandacht. Als er een probleem optreedt, moeten we daar op voorbereid zijn. Daarom heeft bureau Wareco een onderzoek gedaan naar de aandachtsgebieden droogte voor zetting en droogstand funderingen, o.a. op basis van bouwjaar, zetting gevoelige bodem en een grondwater peilbuismeetsysteem. Het blijkt dat grote delen van Leiden gevoelig zijn voor zetting of droogstand van de fundering. Dit laatste is bepaald op basis van bouwjaar. De daadwerkelijke funderingstoestand is op dit moment niet bekend. Nader (archief) onderzoek is nodig naar de exacte vorm van funderingen van huizen die gebouwd zijn voor 1960 (funderingstype “op staal of houten palen”) en tussen 1960 – 1980 (woningen gefundeerd op houten palen met betonnen opzetters) en de funderingen van monumentale panden. Dit onderzoek wordt nog in juli 2019 opgestart. De resultaten zullen we eind 2019 aan uw raad terugkoppelen. Daarna zal bekeken worden of het zinvol is om aan te sluiten bij het Fonds Duurzaam Funderingsherstel.

2. Vindt het college niet, dat Leiden de door haar als excuus voor het gebrek aan voortvarendheid aangekondigde stresstests, dialogen en opstellen van plannen niet moet afwachten? Maar wél zich zo spoedig mogelijk ten bate van zijn inwoners moet aansluiten bij genoemde landelijke regeling zodat gedupeerden daar op tijd hun claims zullen kunnen neerleggen? Vindt het college het als rentmeester van haar bodem en haar inwoners sociaal te verantwoorden als zij door de bewust gekozen vertraging met open ogen in het zicht van de verdroogde haven strandt? Is zij zich ervan bewust dat dan eventueel honderden Leidse woningeigenaren, plus de sociale woningcorporaties als eigenaresse van vele duizenden getroffen woningen, achter het net gaan vissen en voor gemiddeld 60.000 à 100.000 euro per woning het schip in gaan?

Antwoord: Nee, dat vindt het college niet. Zie verder de beantwoording van vraag 1